update 19 januari 2009

Wat staat er in het decreet betreffende de bodemsanering en de bodembescherming?    (hier klikken)

Hoe duurzaam is een beleid indien gestreefd zou worden om een bouwvergunning te regelen.

Uit het bodemdossier (dossier nr26962 met inzagerecht bij OVAM) van het betreffende perceel blijkt dat het orienterend bodemonderzoek opgemaakt op 21/11/2005 uitgewezen heeft dat in het grondwater een verontreiniging werd vastgesteld met tetraclooretheen, triclooretheen en cis+transdiclooretheen.
Op 22/12/2005 meldde OVAM reeds dat de geplande overdracht niet kan doorgaan omdat uit het orienterend onderzoek blijkt dat er een historische bodemverontreiniging voorkomt die een ernstige bedreiging vormt. OVAM maande de eigenaar aan om over te gaan tot een beschrijvend onderzoek. Op 16/02/06 stelt OVAM, na beroep, dat de overdrager het beschrijvend onderzoek moet laten uitvoeren. Het dossier bevat noch in juli noch in november 2006 resultaten van dit beschrijvend onderzoek!
Gezien er een nieuw openbaar onderzoek startte voor een het inbreidingsproject werd de stedelijke bouwdienst gevraagd of er een bodemattest bestond. Bij doorverwijzing naar de stedelijke milieudienst Mechelen werd vernomen dat door OVAM op 18 maart 2008 een beschrijvend bodemonderzoek uitgevoerd te zijn. Hierbij werd een ernstige historische verontreiniging (dus die een risico oplevert of kan opleveren tot nadelige beïnvloeding van mens of milieu) bevestigd. De verontreiniging zou wel binnen het binnengebied zelf lopen.
Inmiddels moeten:
1. de kenmerken, functies, bestemmingen en eigenschappen van de bodem;
2. de aard en de concentratie van de verontreinigingsfactoren;
3. de mogelijkheid op verspreiding van de verontreinigingsfactoren
gekend zijn.

Verder werd meegedeeld dat er een bodemsaneringsplan opgestart werd. De milieudienst verzekerde dat OVAM zeer voorzichtig te werk gaat bij zulk beschrijvend onderzoek d.w.z. dat alles waar mogelijk verontreiniging kan zitten wordt onderzocht. Hieruit kunnen we besluiten dat er reeds een risicobeheersplan bestaat en risicobeheersmaatregelen getroffen zijn. Het feit dat niemand van aanpalende percelen gevraagd werd om bodemstalen van zijn/haar tuin te nemen, zou willen zeggen dat OVAM zeer zeker is dat de bodemverontreiniging zich enkel op het binnengebied bevindt.
Het positieve is wel, dat eens men een bodemsaneringsplan opgestart en dit lopende is, dit vanzelfsprekend wordt uitgevoerd. Dit wil dus zeggen dat het gebied, zelfs al zijn er geen andere plannen met deze site, zeker gesaneerd wordt. Misschien is het nuttig de opvolgingrapporten te volgen. Dit bodemsaneringsplan zal aan de buurt worden bekend gemaakt, waarna zij gedetailleerde plannen ervan kan inkijken op de milieudienst.

Wij gaan van de veronderstelling uit dat, in afwachting van de werkelijke saneringen, voorzorgsmaatregelen inmiddels getroffen zijn
De vraag stelt zich dan ook waarom de projectontwikkelaar zonder verdere kennis opnieuw een ondoordacht plan indiende vooraleer een eindevaluatieonderzoek gebeurde? Bij ons noemt men dit "misschien is het een vliegertje oplaten". Het zou ook kunnen dat dit plan gekoppeld wordt aan de plannen van zelfde ontwikkelaar in de

Stelde hij de vraag hoe de overdracht van deze gronden kan verlopen?Ook blijft de vraag wanneer de sanering zal starten en wie hier voor de kosten zal opdraaien … misschien belangrijk te weten voor de projectontwikkelaar die financiële zekerheid moet verschaffen. Verder bestaan er vragen welke niettegenstaande vroeger ingediende bezwaren nooit weerlegd werden.

Info:
Chlooretheen(C2H3Cl) is een kleurloze gas, met een specifieke geur. Het gas is zwaarder dan lucht en kan zich langs de grond verspreiden.Ontsteking op afstand is mogelijk. Vinylchloride monomeer dampen zijn niet geremd en kunnen polymeren vormen in ventielen of vlamafsluiters van opslagtanks, waardoor deze kunnen verstoppen. De stof kan onder specifieke omstandigheden peroxides vormen en daardoor polymerizeren, met een ontploffing tot gevolg. De stof zal gemakkelijk polymerizeren tengevolge van verhitting en onder invloed van lucht, licht en bij contact met een katalyzator, sterk oxiderende middelen en metalen zoals koper en aluminium, waardoor brand- of ontploffingsgevaar ontstaat. De stof ontleedt bij verbranding met vorming van giftige en bijtende dampen (waterstofchloride en fosgeen). Tast ijzer en staal aan in aanwezigheid van vocht. De stof kan in het lichaam worden opgenomen door inademing. Een schadelijke concentratie van dit gas in de lucht zal snel worden bereikt bij het vrijkomen ervan. Bij kortstondige blootstelling is de stof irriterend voor de ogen. De vloeistof kan bevriezing veroorzaken. De stof kan effecten hebben op het centraal zenuwstelsel. Blootstelling kan het bewustzijn verminderen. Medische observatie is aangewezen. Bij langdurige of herhaalde blootstelling kan de stof kan effecten hebben op de lever, de milt, het bloed, deperifere bloedvaten en het weefsel en de beenderen van de vingers. Deze stof is kankerverwekkend bij de mens.
Iedereen die bijdraagt opdat toch een bouwvergunning afgeleverd wordt zonder de gevolgen van en besluiten na de sanering af te wachten moet verantwoordelijk gesteld worden wegens wandaad.

Waarom dan toch zo dringend die bouwaanvragen? Waarom werd het eerste openbaar onderzoek in alle stilte ingetrokken vooraleer het college het besproken had?
Volgens het kadaster is het een veel verspreide tactiek zodat een bouwpromotor een akkoord maakt met de grondeigenaar. Hij zal huizen of appartementen bouwen en bij de verkoop van die woningen verkoopt de grondeigenaar telkens een stuk grond.
Dit wil dus zeggen dat in geval "Partners Construction" of welke ontwikkelaar ook een goedkeuring verkrijgt voor zijn bouwaanvraag, zij woningen beginnen te bouwen op de grond die nog steeds eigendom blijft van gebroeders Vekemans. Pas op het moment dat een woning wordt verkocht verkoopt Vekemans zijn grond.
Dit alles kan blijkbaar zonder verkavelingsvergunning! Klinkt vreemd, maar blijkt gangbare praktijk en opnieuw één van de achterpoortjes van de Belgische Wetgeving.

De buurt maakt zich dus terecht zorgen als ze alle hens aan dek roepen.