Update 17 december 2004
Mestverwerking ten dienste van het milieu

Op 15 maart 2001 vond in het Royal Windsor Hotel te
Brussel een belangrijke bijeenkomst plaats in het kader van mestverwerking
en waterzuivering.
De heer Hal Katersky, Chairman of the Board en de heer Thomas Williams toenmalig
President/CEO van de InterGlobal Waste Management
Inc. (IGWM) met hoofdzetel te Camarillo, California, gaven een uiteenzetting
over wat in deze materie de komende maanden zoal te verwachten was. Wereldwijd
zouden 10 demoplaatsen opengesteld worden. Voor Europa werd Spanje als demoplaats
ingericht.

Op 16 maart 2001 vond in de Kamer van Koophandel & Nijverheid Mechelen een presentatie plaats waarop de heren Katersky en Williams de nodige inlichtingen over het Biolocsysteem verschaften en allerhande vragen, van zowel overheidsafgevaardigden als andere betrokken organisaties omtrent de verwerking van mestverwerking, beantwoordden.

Op 10 mei 2001 werden in het Conrad International Brussel voorlopige afspraken gemaakt welke, mits medewerking van alle betrokken partijen, voor het mestverwerkingprobleem milieuvriendelijke oplossingen zouden kunnen bieden.
Op 4 mei 2001 startte InterGlobal met de oprichting van een Biolocsysteem in hun Europese demoplaats in de omgeving van Barcelona (Spanje).
Op 20 mei 2001 werd deze site bezocht. Wij wilden horen, zien en ruiken wat er ter plaatse gebeurde. Enkel op deze manier konden we ons vergewissen van de stand van zaken bij de werking van het Biolocsysteem. Operatie "PIG-SHIT" werd een succes!! Wij konden vaststellen en waren overtuigd van de goede werking. Dit kon zeker een alternatief bieden voor het verminderen van de veestapel, het dure mesttransport en -opslag. Dit kon zeker bijdragen tot het verminderen van risico's van verspreiding van ziekten door mesttransport. Ook overvolle mestputten wegens klimatologische omstandigheden zouden kunnen tot het verleden behoren.

Op 4 juli 2001 werden in het Conrad
International te Brussel de samenwerkingsakkoorden tussen Inter Global en
Op 5 juli 2001 werden, tijdens een onderhoud met de verantwoordelijke kabinetsmedewerker van Vlaams minister van Landbouw en Leefmilieu mevrouw Vera Dua, het verwerkingssysteem en de verdere plannen uiteengezet. Besloten werd binnen de kortste tijd een milieuaanvraag in te dienen om een demosite te kunnen inrichten.
Op 6 juli 2001 hadden we te Brugge een onderhoud met een contactpersoon van het Vlaams Coördinatiecentrum voor mestverwerking (VCM). Dit verwerkingssysteem op bedrijfsniveau leek zeker dé oplossing. De directie meldde binnen de kortste tijd een installatie te leveren welke onder laboratoriumopstelling op het bedrijf van Jan Huybregts te Arendonk opgestart zou worden. De nodige stappen werden gezet opdat met een voorlopige milieuvergunning deze demosite in werking zou kunnen treden.
Op 24 augustus 2001 werd het systeem
voorgesteld en besproken op een werkvergadering in de gebouwen van de Vlaamse
LandMaatschappij te Herentals. Namen deel aan deze meeting: mevrouw ir. Sibylle
Verplaetse (Mestbank Herentals), de heer Ir. Peter Pouls (Mestbank Herentals),
de heer ir.

Op 11 en 25 september 2001 werden er respectievelijk met de VITO- Mol en de Bodemkundige Dienst van België gesprekken gevoerd om voor de testen en de begeleiding te zorgen op een in te richten site te Arendonk.
Op 05 oktober 2001 werden de nodige documenten overgemaakt om op het bedrijf een demosite in te richten.
Een reorganisatie van IGWM
was o.a.wegens financiële redenen ten gevolge van de
“11 september”-catastrofe
in New York onvermijdelijk. Beslist werd naast de site in Vietnam o.a.
ook de site nabij Barcelona te sluiten. IGWM wilde zich vanaf dan enkel nog
richten tot de Canadese markt en die van de Verenigde Staten. In juli 2003
werd IGWM, door financiële redenen gedwongen, tenslotte ontbonden en hield
op te bestaan.
Gezien de aangegane afspraken niet nageleefd
konden worden werd tenslotte verdere samenwerking verbroken. Blue Apple bleef
uitzien hoe de inspanningen op een alternatief konden gefocust worden. Stappen
werden gezet om met een andere partner scheep te gaan. Aldus wer gehoopt toch
nog te kunnen bijdragen tot een oplossing voor het dringende mestprobleem.
Het reeds aangeworven personeel en bestelde voertuigen zorgde voor een financiële
kater.
Mestverwerking
is een uiterst dringend maar ook zeer
duur probleem. Prototypes op de markt brengen die financieel haalbaar
zijn, welke niet enkel zorgen voor de bewerking van de varkensmest (drogen)
maar voor de volledige verwerking met bovendien levering van groene elektriciteit
en waarbij geen ammoniakgassen vrijkomen en toch rendeerbaar, lijkt niet zo
evident. Wegens te beperkte middelen door investeringsverlies en te geringe
waarborgen werd dit project opgeschort. Ook andere
firma’s dienden af te haken.
Elektronische nieuwsbrief 48
vzwVCM Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking
_________________________________________________________
Financiering Mestverwerking in Vlaanderen
Standpunt VCM-Werkgroep 'Financiële Aspecten'
Op 29 september 2004 formuleerden de vier belangrijkste landbouwbanken in Vlaanderen (Fortis, ING, KBC en Landbouwkrediet) binnen de VCM Werkgroep 'Financiële Aspecten' een éénduidig en krachtig standpunt met betrekking tot de financiering van de mestverwerking.
Hierbij een overzicht van de belangrijkste conclusies.
Het huidig mestdecreet in het algemeen en het principe van de 'verwerkingsplicht' in het bijzonder heeft een onvoldoend economisch onderbouwd draagvlak. De (volledige) verwerking van varkensmest blijkt economisch onverantwoord vermits de huidige totale verwerkingskost van ruwe varkensmest (25 à 30 €/ton zoals blijkt uit de studie 'Mestverwerking op het landbouwbedrijf: mogelijkheden en kostprijs' uitgevoerd door het VCM in samenwerking met STIM) het gemiddelde arbeidsinkomen in de sector van de laatste 10 tot 20 jaar benadert. Bovendien legt de verwerkingsplicht veelal een zware hypotheek op de toekomst van juist de economisch leefbare 'grotere' bedrijven en de jonge groeiende bedrijven.
Eveneens zijn investeringen in mestverwerking, en zelfs investeringen in het algemeen voor zover het de intensieve veelteelt betreft, door het grote aantal onzekerheden voor zowel de investeerder als de kredietverstrekker bijzonder risicovol. De belangrijkste knelpunten hierbij zijn o.a. het onstabiel wettelijk kader zonder langetermijnvisie, de onzekere prijsvorming van varkensvlees en grondstoffen, de moeilijkheden bij het bestendigen van de aanvoer van mest en de afvoer van eindproducten, de onzekere evolutie van de dierlijke mestproductie in Vlaanderen.
Door de vele onzekerheden in de sector en de hoge kostprijs van de
verwerking van varkensmest kiest de verwerkingsplichtige landbouwer in de
praktijk nog vaak voor het betalen van de superheffing in plaats van te investeren
in een mestverwerkingsinstallatie. Het niet voldoen aan de mestwetgeving kan
echter zware gevolgen hebben op het behoud en verlenging van bestaande milieuvergunningen
en de kredietverstrekking door de financiële instelling bij nieuwe investeringen.
Een gevoelige vereenvoudiging van de vergunningsproblematiek en het op elkaar
afstemmen van de diverse wetgevingen moet leiden tot maximale rechtszekerheid
en zo tot een vlottere beoordeling van de ingediende kredietvragen.
De banksector is van mening dat onverwijld verder moet gezocht worden om het overschot aan mineralen op een andere, meer economisch verantwoorde manier aan te pakken. Het bekijken van de problematiek op Vlaams niveau (niet op bedrijfsniveau), waarbij de marktregulerende werking tussen de varkens- en pluimveesector maximaal kan spelen (maximale substitutie?) is een mogelijkheid. Het gebruik op landbouwgrond van een kg N en kg P2O5 afkomstig van varkens en pluimvee is immers gelijk. Oordeelkundige afzet van mest (mineralen), zowel naar Vlaamse cultuurgrond als niet-cultuurgrond of via export, moet de bepalende factor zijn .
De overheid dient eveneens ten volle de mogelijkheden te onderzoeken om de nieuwe investeringen te ondersteunen door middel van het verstrekken van subsidies en risicokapitaal en bestaande mestverwerkingsinstallaties te belonen door het invoeren van bonusmaatregelen.
Op het VCM overleg betreffende de "Knelpuntennota: Mestverwerking" van 5 november 2004 met het Kabinet Leefmilieu, de Mestbank en de Permanente Vertegenwoordiging van Vlaanderen bij Europa werd het standpunt van de banksector reeds toegelicht.
met vriendelijke groeten,
het VCM - team
__________________________________________________________
vzw Vlaams Coördinatiecentrum Mestverwerking (vzwVCM)
Baron Ruzettelaan 33
8310 Assebroek - Brugge
tel.: 050/36 71 00 fax.: 050/37 77 23
website: www.vcm-mestverwerking.be
Isabelle Vermander
tel.: 050/36 71 38 gsm: 0497/52 48 55
e-mail: isabelle.vermander@gomwvl.be
Bart Verstrynge
tel.: 050/36 67 76 gsm: 0497/43 38 42
e-mail: bart.verstrynge@gomwvl.be
__________________________________________________________